Terug naar overzicht

22 maart 2024

Signalement maart 2024

In deze rubriek worden relevante ontwikkelingen in de publieke gezondheid en uit andere netwerken gevolgd en gedeeld. Zo kunnen we aanhaken en gebruik maken van inzichten en kansen uit het veld van de publieke gezondheid en bestaande initiatieven uit andere netwerken.

 

Ruim 4 jaar hebben 35 projecten onderzoek gedaan naar gezondheidsverschillen en gezondheidsaanpakken in wijk en regio. Dat heeft hele mooie resultaten opgeleverd. Een selectie van de meest bruikbare kennis vind je in de nieuwe kennisbundel ‘Gezond leven in gemeente en regio’.

De kennisbundel staat boordevol praktische instrumenten, geleerde lessen, stappenplannen en goede voorbeelden. Vooral bedoeld voor gemeenteambtenaren, GGD’ers of onderzoekers, maar interessant voor iedereen die zich bezighoudt met preventie en het bevorderen van de gezondheid in een gemeente of regio.

De kennisbundel helpt om:

  • een brede, integrale blik op publieke gezondheid en gezonde wijkaanpak vast te houden
  • kennis uit onderzoek mee te nemen in SPUK/GALA plannen
  • aan de slag te gaan met de implementatie van GALA thema’s en ketenaanpakken

De kennisbundel is verdeeld in 3 blokken. In elk blok vind je inzichten en handige tips:

  • Aanpak van gezondheidsthema’s (gezondheidsverschillen, gezond leven, senioren, gezonde leefomgeving)
  • Samen aan de slag (met bewoners, in een gebied)
  • Plannen, leren en evalueren (modellen, werkmethoden, samen leren)

Ook een aantal lessen vanuit awpg Lumens hebben een plekje gekregen in de Kennisbundel zoals het project in Gouda met de handreiking “Sociaal makelaar verbindt sociaal team en de wijk” (pag 44) en veel lessen van Wijzer in de Wijk.

Over integraal samenwerken in de wijk (pag 49), ontwikkelen, uitvoeren en monitoren van een wijkplan (pag 61), monitoren en leren van interventies in de wijk (pag 65) en samen leren in de uitvoeringspraktijk (pag 69). En op pag. 70 een quote van awpg Lumens coördinator Addi van Bergen.

Download het rapport

 

Op donderdag 6 juni om 15.45 uur precies spreekt prof. dr. Gerdine Fransen haar inaugurele rede uit: “Samen bouwen aan collectieve impact”. Gerdine is hoogleraar aan de Radboud Universiteit / Faculteit der Medische Wetenschap met de leeropdracht Populatiegerichte Preventie. Zij is coördinator Integraal Gezondheidsbeleid bij de Academische Werkplaats Publieke Gezondheid AMPHI. De leerstoel is mogelijk gemaakt door de GGD Gelderland Zuid.

Voorafgaand is er een symposium “SAMEN BOUWEN AAN COLLECTIEVE IMPACT: DIT DOET AMPHI!” met vegetarische lunch, diverse interactieve sessies en pitches en de afscheidsrede van prof. dr. Gerard Molleman.

Locatie: RadboudumcExperienceCentre, Geert Grooteplein 15, 6525 EZ Nijmegen.

Aanmelden voor het symposium

Aanmelden voor bijwonen oratie.  De oratie is ook te volgen via de livestream

 

Het afgelopen jaar heeft het iPH samen met het onderzoeksnetwerk Positieve Gezondheid met inbreng van inwoners, (zorg)professionals, onderzoekers, beleidsmakers en verzekeraars gewerkt aan een Kennisagenda Positieve Gezondheid. De kennisagenda formuleert kennis- en onderzoeksvragen rondom Positieve Gezondheid voor de toekomst, zodat er zoveel mogelijk onderzoek wordt gedaan dat een bijdrage levert aan de praktijk.

Tijdens het iPH-congres op 2 november 2023 werd de kennisagenda feestelijk gelanceerd. De kennisagenda is nu ook online te bekijken.

Online kennisagenda

De Kennisagenda Positieve Gezondheid is opgebouwd rond zeven thema’s: 1) de kern van Positieve Gezondheid, 2) de mens, 3) wonen en leefomgeving, 4) leren, 5) werken, 6) zorg en welzijn, en 7) het ecosysteem. Een tekening van de Kennisagenda geeft weer hoe de thema’s onderling samenhangen.

Ieder van de zeven thema’s bevat kennisvragen die zijn onderbouwd met bestaande (wetenschappelijke) publicaties. Daarmee is de Kennisagenda een actueel overzicht van de kennis die er al is over Positieve Gezondheid en over wat we nog meer willen leren. In totaal zijn er 71 kennisvragen. Bijvoorbeeld

  • Kennisvraag 11: Wat is de impact van het werk met Positieve Gezondheid op de ervaren gezondheid van mensen? Hoe kun je die meten? En hoe meet je de ervaren Positieve Gezondheid van mensen?
  • Kennisvraag 12: Draagt het werken met en vanuit Positieve Gezondheid bij aan inclusiviteit en zo ja, hoe?

Een rapid review heeft bestaande wetenschappelijke kennis rondom Positieve Gezondheid in kaart gebracht:

De overheid moet het principe van zelfredzaamheid resoluut vervangen door duurzame ondersteuning en ontplooiing. Dat is de kern van  het advies van de Raad voor Volksgezondheid & Samenleving (RVS) over de bestrijding van bestaansonzekerheid in Nederland.

Ongeveer één op de zes volwassenen in Nederland heeft te maken met (dreigende) bestaansonzekerheid. De overheid overschat met de huidige focus op zelfredzaamheid het doenvermogen van mensen. Dit leidt ertoe dat mensen te laat en te kortstondig de hulp krijgen die ze nodig hebben, waardoor zij lange tijd in onzekerheid blijven of terugvallen, met alle maatschappelijke kosten van dien. Hulp en ondersteuning aan mensen moet zich daarom niet richten op korte termijn herstel, maar op weerbaarheid op de lange termijn. Dat adviseert de Raad voor Volksgezondheid & Samenleving (RVS) in het advies ‘Van overleven naar bloeien’.

Centraal in het advies staat het begrip ‘bloei’. Hierbij gaat men uit van drie psychologische basisbehoeften: autonomie, competentie en verbondenheid. Hulp en ondersteuning gericht op bloei moet deze drie basisbehoeften ondersteunen. De Raad formuleert drie in elkaar grijpende principes die ervoor moeten zorgen dat systemen van hulp en ondersteuning zich meer gaan richten op bloei:

  1. Maak beleid gericht op ontplooiing
    Investeer in preventie en lichte blijvende, langdurige ondersteuning.
  2. Maak ruimte voor sociale relaties
    Faciliteer onderlinge hulp actief en werk het op zijn minst niet tegen.
  3. Zorg voor samenhangende ondersteuning
    Werk aan andere manieren van organiseren, sturen, financieren en verantwoorden, met ruimte voor flexibiliteit. Zet ervaringsdeskundigen in en structurele vormen van burgerraadpleging op alle niveaus.

Welzijnspartijen spelen een belangrijke rol in het versterken van een sociaal netwerk in de wijk.

Download het rapport

 

Preventie wordt steeds belangrijker in onze maatschappij en ons zorgstelsel. Niet alleen omdat het de beste manier is om lang in goede gezondheid te leven. Maar ook omdat het duurzamer is om meer te investeren in gezond blijven en het eerlijker verdelen van kansen op een goede gezondheid.

In het adviesrapport ‘Preventie op waarde schatten. Advies technische werkgroep kosten en baten van preventie. (2024) staan aanbevelingen die helpen om in politieke besluitvorming beter zicht te krijgen op de kortere en langere termijn effecten van kosteneffectieve preventiemaatregelen, op de brede maatschappelijke welvaart en de daarmee samenhangende budgettaire effecten.

De werkgroep adviseert één uniforme QALY-waarde te gebruiken voor al het op gezondheid gerichte beleid. Zo kan je de uitkomsten van economische evaluaties van verschillende beleidsopties -gericht op gezondheid- zo goed mogelijk vergelijken. Totdat er één uniforme QALY-waarde is vastgesteld, adviseert de werkgroep om uit te gaan van een waarde van € 50.000 per QALY.

Volgens de werkgroep moet echter breder gekeken worden dan de budgettaire impact op de korte termijn. Voor preventie is deze focus te smal. Het is belangrijk om in de besluitvorming oog te hebben voor de monetaire en niet-monetaire kosten en baten van beleid op de korte, middellange en lange termijn.

Het adviesrapport en de aanbevelingen zijn opgesteld in opdracht van het Kennisplatform Preventie (KPP). Het platform is een initiatief van het Ministerie van VWS en is in 2018 geïnstalleerd door de staatssecretaris. Het is een onafhankelijk platform, bestaande uit experts vanuit beleid, onderzoek en praktijk.

Download het rapport

 

In het advies ‘Gezond opgroeien, wonen en werken’ roept de Sociaal-Economische Raad het komende kabinet op om snel werk te maken van gezondheidsbevordering en sociaaleconomische gezondheidsverschillen te verkleinen.

De SER adviseert het beleid vooral te richten op het wegnemen van maatschappelijke oorzaken van gezondheidsrisico’s én op het verbeteren van de gezondheid van iedereen, met extra aandacht voor mensen in een kwetsbare positie. Hiervoor geldt een collectieve verantwoordelijkheid, waar het overheidsbeleid tot dusverre vooral gebaseerd is op de individuele verantwoordelijkheid van de burger.

Dat vraagt om een integrale, domeinoverstijgende lange termijnaanpak, waarin gezondheid, arbeidsmarkt, sociale zekerheid, onderwijs en de leefomgeving samenkomen. De belangrijkste aanbevelingen zijn:

  • Geef aandacht aan gezondheid op alle beleidsterreinen. De bevordering van de gezondheid van de bevolking moet centraal staan in het brede overheidsbeleid.
  • Bevorder bestaanszekerheid om een gezond leven te kunnen leiden.
  • Zorg dat iedereen die dat kan, kan meedoen aan goed betaald werk. Er moet dringend werk worden gemaakt van een inclusievere en gezondere arbeidsmarkt.
  • Maak meer vaart met de Gezonde Generatie. Laat kinderen en jongeren meer bewegen gedurende de schooldag, organiseer gezondere maaltijden en bevorder gelijke kansen in het onderwijs.
  • Versterk gebiedsgerichte programma’s en geef voorrang aan kwetsbare regio’s en wijken om de kansen op gezond leven in deze gebieden te vergroten; versterk daarvoor de regionale en lokale voorzieningen.
  • Verander het zorgsysteem in een gezondheidssysteem door het bestrijden van chronische stress, bestaansonzekerheid en ongezonde prikkels in de sociale en fysieke omgeving van mensen.

Download het rapport

 

© 2024 awpg Lumens. Alle rechten voorbehouden / Disclaimer / Privacy / Realisatie: Lemon