Evaluatie van CenteringPregnancy The road to an integrated CenteringPregnancy, an effect evaluation

Sterfte rondom zwangerschap en geboorte is relatief hoog in Nederland in vergelijking met andere Europese landen. In de Verenigde Staten is een ‘zorg-op-maat’-model ontwikkeld en positief geëvalueerd: CenteringPregnancy. CenteringPregnancy bestaat uit verloskundige groepsconsulten gericht op gezondheidsonderzoek, voorlichting/ontwikkeling vaardigheden en ondersteuning. Dit zorgmodel is aangepast voor Nederland. In plaats van de huidige korte één op één controles tijdens de zwangerschap, wordt de zorg in tien sessies aangeboden aan een groep van tien tot twaalf zwangeren met eenzelfde zwangerschapsduur.

Tijdens een sessie worden de zwangerschapscontroles (zoals de bloeddruk, groei van de baby etc.) gecombineerd met voorlichting, interactieve leermethoden en gesprekken over wat vrouwen bezig houdt tijdens hun zwangerschap.

In de regio Noordelijk Zuid-Holland wordt het effect van deze groepsconsulten op zwangerschapsuitkomsten, gezondheidsgedrag en psychosociale variabelen, de implementatie en de kosten van CenteringPregnancy geëvalueerd.

Daarnaast wordt CenteringPregnancy versterkt door de publieke gezondheidszorg en de tweedelijnszorg sterker te betrekken bij de groepsconsulten en het verder vormgeven van de aanvullende begeleiding van zwangeren met aanvullende behoeftes.

Vraagstelling

  • Wat is het effect van prenatale groepszorg volgens het model van CenteringPregnancy ten opzichte van individuele prenatale zorg op perinatale gezondheidsuitkomsten in de regio Noordelijk Zuid-Holland?
  • Hoe wordt de CenteringPregnancy in de regio Noordelijk Zuid-Holland geïmplementeerd en hoe wordt het model versterkt door integratie van ketenpartners?
  • Wat zijn de kosten van (de implementatie van) CenteringPregnancy ten opzichte van individuele prenatale zorg?

Aanpak

Het gekozen design betreft een stepped-wedge randomised controlled trial, waarbij ieder cluster start met het verzamelen van controledata en de clusters stapsgewijs overgaan op het aanbieden van de interventie (CenteringPrregnancy) op het vooraf gerandomiseerde kalendermoment (waarna interventiedata worden verzameld).

Er doen dertien verloskundige praktijken en twee ziekenhuizen mee aan het onderzoek.

Sinds oktober 2013 worden vrouwen bij de intake bij 8 tot 12 weken zwangerschap gevraagd om deel te nemen aan dit onderzoek. In de controleperiode krijgen vrouwen individuele consulten aangeboden (controlegroep, N=800), in de interventieperiode krijgen alle nieuwe zwangeren CenteringPregnancy aangeboden (interventiegroep, N=800). Van al deze vrouwen worden de perinatale registratiegegevens verzameld en wordt gevraagd om op vier momenten een vragenlijst in te vullen (intake, 28 weken en 36 weken zwangerschap en 6 weken na de geboorte).

Implementatie- en kostengegevens worden aanvullend verzameld middels CenteringPregnancy-groepsevaluaties, een zorgverlenersvragenlijst en semigestructureerde diepte-interviews.  width=

De data zijn verder gebruikt om de clustering van ongezonde leefstijl en ongunstige psyschosociale en socio-economische omstandigheden te onderzoeken bij vrouwen met een verhoogd risico op ongunstige perinatale uitkomsten.

Participanten

Opdrachtgever
Leids Universitair Medische Centrum Albinusdreef 22333 ZA Leiden

Aanvrager en projectleider
Dr. Matty Crone – LUMC Public Health en Eerstelijns Geneeskunde, Senior onderzoeker, Gezondheidswetenschapper

Medeaanvrager
Prof. Dr. Jan van Lith – LUMC Verloskunde, Hoogleraar en hoofd Verloskunde

Medeaanvrager en medeprojectleider
Dr. Marlies Rijnders – TNO Child Health, Senior onderzoeker Verloskunde en Kraam

Coördinerend onderzoeker en contactpersoon
Birgit Bruinsma-van Zwicht, MSc – LUMC Verloskunde Junior onderzoeker, verloskundige/klinisch epidemioloog
Email: birgit.bruinsma@tno.nl | Telefoon: 071-52 68 605

Het onderzoek ontving subsidie vanuit het ZonMw programma Zwangerschap en geboorte I.

Resultaten

Vanaf eind 2012 is het onderzoek gestart met een intensieve voorbereiding. Vanaf maart 2014 zijn instellingen aselect gestart met het aanbieden van CenteringPregnancy (CP): 13 verloskundige praktijken en 2 ziekenhuizen. In de periode tot begin mei 2016 zijn in totaal 2455 zwangere vrouwen geïncludeerd.

Primiparous en multiparous CP vrouwen woonden meer prenatale zorgbezoeken bij vergeleken met vrouwen die individuele zorg kregen (aangepaste odds ratio [aOR] 1,23 [95% betrouwbaarheidsinterval [BI] 1,18-1,29] en 1,29 [1,21-1,36]). Minder primiparae CP-vrouwen gebruikten pijnverlichting tijdens de bevalling (0,56 [0,43-0,73]) en begonnen vaker met het geven van borstvoeding (1,74 [1,15-2,62]). Vrouwen die aan CP deelnamen, hadden vaker het gevoeld dat zorgverleners luisterden naar hun wensen met betrekking tot medicatiegebruik (69,1% versus 54,4%, P = 0,039), fysieke activiteiten (72,8% versus 52,5%, P = 0,008) en ontspanningsoefeningen (67,9% versus 35,6%, P ≤ 0,001). Ze voelden zich ook meer gesteund om actief deel te nemen aan de zorg (89,6% versus 68,5%, P = 0,001) en voelden zich beter in staat om hun mening over de zorg te geven (92,7% versus 73,9%, P = 0,002). De onderzoekers concluderen dat het CP-model goed aansluit bij het Nederlandse beleid met op de vrouwgerichte zorg en inspelend op de behoeften van zwangere vrouwen. [Rijnders et al. 2018]

Aanvullende analyses op de onderzoeksdata lieten verder zien dat er vier subgroepen onderscheiden konden worden. Twee groepen vertegenwoordigden de gezonde, hoger opgeleide zwangere vrouwen die niet rookten: één groep van multigravida-vrouwen en één van primigravida-vrouwen, ook gekenmerkt door minder zwangerschapsspecifieke kennis en meer zwangerschapsgerelateerde stress. De overige vrouwen werden ingedeeld in twee minder gezonde groepen. Een groep stopte regelmatig met roken, rapporteerde minder gezond eten, minder lichaamsbeweging en vergelijkbare stressniveaus als de gezonde hoger opgeleide groepen. De laatste groep bevatte de meeste rokers, scoorde het hoogst op psychosociale en zwangerschapsgerelateerde stress en de meest ongunstige sociaal-economische omstandigheden. Deze groep had een verhoogd risico op nadelige maternale uitkomsten, met name het ontwikkelen van diabetes tijdens de zwangerschap. De onderzoekers concluderen dat een alomvattende en geïntegreerde aanpak nodig is om de resultaten bij zwangerschappen te verbeteren bij een combinatie van ongunstige gezondheid, psychosociale en sociaal-economische omstandigheden. [Crone et al. 2019]

Producten

Crone, M. R., Luurssen-Masurel, N., Bruinsma-van Zwicht, B. S., van Lith, J. M. M., Rijnders, M. E. B.. Pregnant women at increased risk of adverse perinatal outcomes: A combination of less healthy behaviors and adverse psychosocial and socio-economic circumstances. Preventive medicine. 2019;127:105817.

Rijnders, Marlies, Jans Suze, Aalhuizen, Inger, Detmar Symone, Crone Matty. Women‐centered care: Implementation of CenteringPregnancy® in The Netherlands. Birth Issues in perinatal care. 2018;46(3)45-60.

van Zwicht, Birgit S., Crone, Matty R., van Lith, Jan M. M., Rijnders, Marlies E. B. Group based prenatal care in a low-and high risk population in the Netherlands: a study protocol for a stepped wedge cluster randomized controlled trialBMC Pregnancy Childbirth. 2016;16(1):354.

Samenvatting

Bij CenteringPregnancy (CP) wordt in plaats van de één op één controles tijdens de zwangerschap de zorg aangeboden aan een groep van tien tot twaalf zwangeren met eenzelfde zwangerschapsduur. Tijdens een sessie worden de zwangerschapscontroles (zoals de bloeddruk, groei van de baby etc.) gecombineerd met voorlichting en gesprekken over wat vrouwen bezig houdt tijdens hun zwangerschap.

In de regio Noordelijk Zuid-Holland is het effect van CP geëvalueerd in 13 verloskundige praktijken en 2 ziekenhuizen. De wedged cluster RCT laat geen verschillen zien in zwangerschapsuitkomsten tussen CP en individuele zorg.

In CP kregen zwangeren wel meer verloskundige controles, waren vrouwen meer tevreden over de prenatale zorg en begonnen ze vaker met borstvoeding. Vrouwen in CP die voor het eerst zwanger waren vonden dat ze minder opvoedvaardigheden hadden. Ze hadden wel meer kennis over zwangerschap, rookten minder tijdens of na de zwangerschap en in vergelijking met vrouwen die niet voor CP kozen namen zij minder vaak pijnmedicatie tijdens de bevalling. Vrouwen in CP die zwanger waren van een volgend kind verwachtten meer pijn tijdens de bevalling maar, in vergelijking met vrouwen die niet voor CP kozen, voelden zij zich daarentegen beter voorbereid op de bevalling en bevielen vaker thuis. Ze aten daarnaast vaker fruit tijdens de zwangerschap en dronken minder vaak alcohol na de bevalling.

© 2024 awpg Lumens. Alle rechten voorbehouden / Disclaimer / Privacy / Realisatie: Lemon